Nauwkeurigheid is het sleutelwoord

Nauwkeurigheid is het sleutelwoord

Zonder goed zaaibed geen goede opbrengst. Grondbewerking helpt om zowel de bodem als het uiteindelijke zaaibed geschikt te maken voor de wortelontwikkeling van een gewas. En is het land netjes klaar gelegd, dan is het zaaien eenvoudig en komt de groei goed op gang.

Met de droogte en de steeds heftiger regenval in Nederland wordt de waterhuishouding op percelen steeds belangrijker. Daarvoor biedt kilveren uitkomst. Om zo min mogelijk grond te verplaatsen terwijl de afwatering gegarandeerd is, dus door zo efficiënt mogelijk te werken, is het wijsheid het veld in vakken op te delen. Dat kan door gebruik te maken van zogeheten PWCS (Piece Wice Continuous Slopes). In dat systeem wordt het perceel in vakken van bijvoorbeeld 15 x 15 meter opgedeeld. Die vakken komen elk onder een eigen afschot te liggen. Als PWCS wordt gebruikt, kan er in software aangegeven worden wat er maximaal van afgeschraapt of opgebracht moet worden. Op die manier wordt er zo weinig mogelijk grond verplaatst en blijft de teeltlaag op z’n plek. Tegelijkertijd heb je voordat er begonnen wordt in beeld hoe veel grond er verplaatst moet worden en over welke afstand: het werk wordt inzichtelijk en planbaar.

Grondbewerking en zaaien
Het land ligt er na het kilveren netjes bij, dus is het zaak het perceel zaaiklaar te maken. Ploegen, spitten of frezen, bij alle bewerkingen heb je de mogelijk om, als dat nog niet gedaan was, in dezelfde werkgang de A/B-lijnen in te rijden. Dat scheelt een extra gang over het perceel. Zorg er bij het klaarleggen van het zaaibed voor dat er in dezelfde richting wordt gereden als later tijdens het zaaien en, vooral, tijdens de oogst. Wordt er bij het zaaiklaar maken van het perceel van oost naar west en bij het zaaien van noord naar zuid gereden, dan bestaat de kans op een onregelmatig zaaibeeld. Bovendien levert het constant rijden in dezelfde richting een hogere nauwkeurigheid op bij de oogst.

Van grondbewerking tot oogst, een GNSS-ontvanger biedt uitkomst. Op GNSS, een verzamelnaam voor onder meer GPS en Glonass, kan zeer nauwkeurig gereden worden. De ontvanger, die vaak op het dak van de trekker geplaatst wordt, zorgt voor het vaststellen van de exacte locatie in het perceel. Met GNSS zorgt voor een nauwkeurigheid van circa 50 cm. Met behulp van RTK, verreweg de meest gebruikte correctie in Nederland, wordt de nauwkeurigheid 2 cm. Met behulp daarvan wordt ervoor gezorgd dat er zo min mogelijk werk en input nodig is voor een zo hoog mogelijke opbrengst. Voor een nog hogere efficiëntie biedt automatische besturing, ook met GNSS, een uitkomst. Geen overlappingen meer,  geen tussenruimtes meer en een fitte chauffeur. Met automatische besturing kan één trekker het werk van twee trekkers doen in dezelfde tijd.

Meer verhalen